Op vrijdag 26 april wordt een dagexcursie georganiseerd naar oostelijk Noord-Brabant. Aan deze excursie kunnen de leden van de Kringen Parkstad en De Westelijke Mijnstreek en overige belangstellenden deelnemen. Vertrek: 8.00 uur in Heerlen en 8.30 uur in Geleen.

Kruisheren, kapucijnen en karmelieten
Oostelijk Noord-Brabant is binnen Nederland een interessant gebied vanwege de oude kloosters die zich daar ook ten tijde van de Reformatie wisten te handhaven of er juist gesticht werden. Het huidige Noord-Brabant werd in de 17de eeuw grotendeels als Generaliteitsland ingelijfd bij de Republiek en rechtstreeks vanuit Den Haag bestuurd. De openbare uitoefening van het katholicisme werd verboden, kloosters werden opgeheven en hun bewoners verdreven. Langs de Maas lag echter een aantal vrije Rijksheerlijkheden (Ravenstein, Megen, Gemert, Boxmeer) die rooms-katholiek bleven. Daar kwamen ten tijde van de Contrareformatie kloosters tot stand. De kloosterlingen oefenden de zielzorg uit – ook in het Staatse deel van Brabant – en stichtten er Latijnse scholen. Voor het culturele en godsdienstige leven waren zij honderden jaren van grote betekenis voor de regio.

In 1797 gingen de voornoemde vrije heerlijkheden op in de Bataafse Republiek, waar vrijheid van godsdienst hoog in het vaandel stond. Pas toen Nederland (het koninkrijk Holland) in 1810 deel ging uitmaken van Frankrijk, werden ook de kloosters opgeheven. Gelukkig duurde het bewind van Napoleon niet lang. Maar koning Willem (1815-1840) had ook niet veel op het kloosters en verordonneerde, dat zij geen nieuwe leden mochten aannemen. Zij dienden uit te sterven. Zijn zoon, koning Willem II, hief dit verbod in 1840 op en de kloosters gingen een nieuwe bloeitijd tegemoet.

Sint-Agatha
Het kruisherenklooster te St.-Agatha (Cuijk) werd in 1371 gesticht en wordt vrijwel zonder onderbreking door de kruisheren bewoond. Ofschoon het land van Cuijk door de Staten-Generaal werd bestuurd, werd het kruisherenklooster niet opgeheven. De paters werden beschermd door de prinsen van Oranje. Zij waren een uitzondering op de regel. In de negentiende eeuw werd St.-Agatha het moederhuis van de orde en van hieruit werden wereldwijd nieuwe kloosters gesticht.
Er wonen nog enige kruisheren in het klooster, maar het grootste deel van het gebouw wordt gebruikt door het Erfgoedcentrum Nederlands Kloosterleven (ENK). Deze belangrijke instelling beheert de archieven van vele in Nederland actief geweest zijnde ordes en congregaties en stelt ze voor onderzoek beschikbaar. Wij bezoeken het ENK en krijgen een rondleiding door klooster en kerk. In de voormalige kloosterboerderij gebruiken wij gezamenlijk de lunch.

Velp
Na de lunch rijden wij naar het vlakbij Grave gelegen Velp. Daar bouwden de kapucijnen in 1645 een kloostertje, ‘Emmaüs’ genaamd. Grave was Staats en dus ‘protestants’, maar de overgrote meerderheid van de bevolking was katholiek. Velp lag binnen de katholieke heerlijkheid Ravenstein, waar de familie Pfalz-Neuburg het voor het zeggen had. De kapucijnen staken geregeld de grens over om de katholieke Gravenaren zielzorgelijk te ondersteunen. Bovendien gingen veel mensen uit de omgeving bij de paters ter kerke. Het klooster werd in 1717/1719 opnieuw opgetrokken en in 1732 werd een nieuwe kerk ingewijd. Het klooster is een bescheiden gebouw. De kerk daarentegen heeft een magnifiek barok interieur. De kapucijnen hebben Velp inmiddels verlaten. Klooster en kerk worden beheerd door de stichting Avant Spirit. Wij krijgen ter plaatse een rondleiding.

Boxmeer
Het Maasdorp Boxmeer was een vrije baronie onder heerschappij van de grafelijke familie Van den Bergh. In 1652 nodigde graaf Willen van den Bergh de Vlaamse karmelieten uit om in Boxmeer een klooster te bouwen en op termijn de parochiekerk te bedienen. Naast de Sint-Petruskerk, bekend vanwege zijn Heilig Bloedwonder, verrees in de jaren daaropvolgend een klooster. In 1672 kwam in Boxmeer ook nog een karmelitessenklooster tot stand. De paters waren werkzaam in de zielzorg in Boxmeer en omgeving en gaven les aan de Latijnse school. Momenteel wordt het klooster bewoond door een gemengd convent van karmelieten en karmelitessen. In het klooster bevindt zich ook het Nederlandse Carmelitaans Instituut. Wij bezoeken de St. Petruskerk, de kruisgang van het klooster met zijn 17de-eeuwse gebrandschilderde ramen en de refter waar de 17de en 18de-eeuwse schilderijen van de heren van Boxmeer en karmelheiligen op ons neerzien.

Programma
08.00 vertrek vanuit Heerlen, Sint-Annakerk
08.30 vertrek in Geleen; parkeerplaats bij het Graaf Huyn sportcomplex en van de voetbalclub FC Geleen-Zuid: Jos Klijnenlaan 685, 6164 AP Geleen
09.30 ontvangst met koffie en koek in Sint-Agatha.
10.00 rondleiding door klooster St. Agatha
11.30 lunch in de kloosterboerderij
13.00 vertrek naar Velp
13.30 rondleiding klooster Velp
15.45 rondleiding klooster Boxmeer
17.30 vertrek naar Geleen en Heerlen

Kosten en aanmelding
De kosten voor deze excursie bedragen € 55,- voor leden en € 60,- voor niet-leden. In de prijs zijn inbegrepen: kosten bus, fooi chauffeur, alle rondleidingen, tweemaal koffie met gebak en de lunch. De aanmelding geschiedt door het verschuldigde bedrag over te maken op bankrekening (IBAN) NL84INGB0005378710 tnv. LGOG kring Parkstad onder vermelding van “Excursie kloosters” en de gewenste opstapplaats. Het is eveneens van belang uw 06 nummer te vermelden om bereikbaar te zijn op de excursiedag. Aanmelding uiterlijk 19 april. Mocht uw inschrijving binnenkomen wanneer de bus is volgeboekt, dan ontvangt u daarvan tijdig bericht en wordt uw geld teruggestort. Bij afmelding waarvoor geen vervanging gevonden wordt, kan helaas geen terugbetaling plaatsvinden. Afmelding dient te geschieden bij onze penningmeester mevr. M.J.H. van der Weerden mjhvanderweerden@cs.com of 045-5325094.

 

Deze pagina delen
Email this to someoneShare on LinkedInShare on Google+Tweet about this on TwitterPin on PinterestShare on Facebook